Aangenaam, Ik ben Marianne! 

 

Hoe het begon

Ik was tweeëntwintig toen ik alleen vertrok op reis naar Indonesië, Australië, Nieuw-Zeeland en India. In een tijd zonder mobiele telefoon of pinpas, met travellercheques en de vanzelfsprekendheid dat je een route pas leert kennen als je hem aflegt. Niemand die ik kende deed zoiets in die tijd. Maar ik zette mijn schouders eronder en koos voor de ongebaande paden.

Ik kom uit Loosduinen, uit een tuindersgezin waar bikkelen geen woord was maar een manier van leven. Mijn opa stierf tijdens de oorlog en mijn vader nam op zijn veertiende een gezin van twaalf over. Schaarste zat in de muren, net als nuchterheid en 'doe maar normaal en je schouders eronder'. Ik was de enige thuis die wilde studeren, op kamers en verder weg wilde. Dat was geen opstandigheid maar ik voelde dat mijn route er anders uitzag dan de route die voor me klaarlag.

Op mijn basisschoolrapport schreef een meester dat ik liever lui dan moe was, terwijl ik goede cijfers haalde en hard werkte. Hij had last gehad van mijn oudere broer en vergat te kijken naar mij. Ik leerde vroeg hoe het voelt als iemand niet naar jou kijkt maar naar zijn eigen overtuiging, en hoe anders het is als iemand dat wél doet.


Gezien worden als drijfveer

Op de juiste momenten waren er mensen die zagen wat ik zelf nog niet zag. Docenten die meer in me zagen en andere routes voorstelden. En later een algemeen directeur, die me van buitenaf als directeur binnenhaalde in het gevangeniswezen. Een organisatie waar normaliter iedereen van binnenuit doorgroeit.

Hij zag iemand met een frisse blik die onafhankelijk durft te denken en die stevig blijft staan als de grond onder je beweegt. Bij hem leerde ik iets wat ik nooit meer ben kwijtgeraakt: dat ziel en zakelijkheid geen tegenpolen zijn maar elkaar juist versterken.

Wat zij voor mij deden, heb ik jaren bij mijn collega's gedaan en doe ik nu voor de leiders met wie ik werk.


Kiezen voor wat klopt

Na het gevangeniswezen kwam ik als buitenstaander in de politietop. Een organisatie waar de looplijnen glashelder zijn en de strepen op je schouder bepalen wie je bent. Alleen kreeg ik bij binnenkomst geen strepen mee. Maar ik bracht iets anders mee: een frisse blik van buiten, nieuwsgierigheid naar de mensen achter de badges en de vaardigheid om hen te helpen de juiste beslissingen te nemen.

Na de politietop werd ik directeur-grootaandeelhouder in het familiebedrijf van mijn broers vanwege het uitvallen van één van mijn broers. We wonnen de Transport en Logistiek Ondernemersprijs op precies de punten waar ik voor sta: leiderschap, mensen écht zien en daarmee maatschappelijke impact. Maar we moesten ook laveren door tijden van de financiële crisis. Toen we hier doorheen waren, werd het voor mij tijd voor een nieuwe route.

Ik koos weer voor de zorg en als bestuurder bij Tzorg nam ik de organisatie mee in een groot verandertraject. We herijkten de missie, visie en kernwaarden en daarmee de marsroute. Ook daar zag ik weer hoe dichter je bij de mensen staat hoe beter het gaat.

In het familiebedrijf en later in de zorg koos ik telkens voor wat klopte boven wat makkelijk was. Mensen boven sec de cijfers en ook voor het jezelf niet wegcijferen.


Waarom ik dit nu doe

Nu werk ik met bestuurders en eindverantwoordelijke leiders die op een kruispunt staan of naderen. Met teams en organisaties die hun route moeten herijken.

Ik breng alles mee wat ik in dertig jaar heb opgebouwd: tien jaar facilitaire sector inclusief drie ziekenhuizen, directie in het gevangeniswezen, de politietop, directeur en aandeelhouder in een logistiek familiebedrijf, bestuurder in de zorg. Publiek, semipubliek, familiebedrijf en commercieel. En als toezichthouder heb ik diezelfde werelden ook van de andere kant leren kennen. Ik heb de wegen bewandeld, verschillende kaarten gelezen en weet hoe je naar nieuwe routes wijst.

Ik laat je zien wat je zelf misschien nog niet ziet. Ik stel de vragen die niemand om je heen durft te stellen. Ik verken samen met je de routes, de geitenpaadjes en ook de wegen die doodlopen.

 

En buiten mijn werk?

In de loop der jaren heb ik mij steeds verder verdiept in leiderschap,  organisatieontwikkeling en verandering. Niet alleen vanuit theorie, maar ook door reflectie en persoonlijke ontwikkeling. Stilte, feedback en levenservaring hebben mij geleerd scherp te blijven zonder te verharden — en ruimte te houden zonder richting te verliezen.

Mijn professionele bagage bestaat onder andere uit:

  • een academische achtergrond in strategisch management
  • verdiepende opleidingen in leiderschap, communicatie en veranderkunde
  • internationale programma’s rond authentiek en dienend leiderschap

Ik blijf leren, omdat leiderschap dat vraagt. 

Ik zoek daarnaast daadwerkelijk beweging op buiten mijn werk.
Wandelen, spinnen, yoga, reizen met de camper. Onderweg zijn, nieuwe indrukken opdoen, blijven leren en mezelf uitdagen.

Juist daar ervaar ik wat balans in beweging betekent: ruimte maken, opladen en met frisse energie terugkeren naar mijn werk met leiders en teams.

 

Balans in Beweging

De wereld beweegt voortdurend.
Organisaties veranderen, verwachtingen schuiven, druk neemt toe.

Wie stil wil blijven staan, wordt ingehaald.
Wie alleen blijft rennen, raakt zichzelf kwijt.

Echt leiderschap vraagt iets anders: balans in beweging.

Balans tussen mens en resultaat.
Tussen strategie en uitvoering.
Tussen rust en daadkracht.
Tussen ziel en zakelijkheid.

Niet kiezen voor het één of het ander,
maar leren bewegen terwijl je stevig blijft staan.

Daar ontstaat groei.
Daar ontstaat ontwikkeling.
Daar ontstaat resultaat dat klopt.